8 jaar eis voor doodsteken verkeerde broer

Een 46-jarige inwoner van Bergen op Zoom heeft vrijdag voor de Bredase rechtbank acht jaar cel tegen zich horen eisen. Hij wordt ervan verdacht een van zijn broers te hebben doodgestoken.

De man zou in juni vorig jaar met twee messen naar een café in zijn woonplaats zijn gegaan om zijn broer om het leven te brengen. De bewuste broer was er echter niet. Daarom richtte de verdachte volgens het Openbaar Ministerie zijn woede op een andere broer, die wel aanwezig was.

Volgens het Openbaar Ministerie betreft het daarom geen moord, maar doodslag. De verdachte heeft niet met voorbedachten rade de broer in het café om het leven gebracht. Moord zou hem wel ten laste zijn gelegd als hij de broer had doodgestoken die hij in het café had verwacht.

De uitspraak volgt op 1 september.

Advertisements

Levenslang voor opdrachtgever A12 moorden: Ten onrechte

De rechtbank Utrecht heeft uitspraak gedaan in de zogenaamde ‘A-12 zaak’. De verdachte, Aldo Giannotta wordt schuldig bevonden aan het medeplegen van moord op twee Brazilianen die in 2002 langs de rijksweg A-12 bij Woerden werden gevonden. Ook wordt verdachte veroordeeld voor het transport van verdovende middelen.

Naar het oordeel van de rechtbank rechtvaardigen de bewezenverklaarde feiten geen andere straf dan een levenslange gevangenisstraf.

Het betreft hier een zeer zwak vonnis. De verdachte heeft altijd volgehouden niets met de moorden te maken te hebben. Hij kwam pas in beeld toen een in Nederland gearresteerd kopstuk van de SCU (Sacra Corona Unita) als spijtoptant (pentito) in Italië ging praten. Deze Filippo Cerfeda biechtte zo’n 20 moorden op, waaronder 6 in Nederland en hij kreeg daarvoor 30 jaar gevangenisstraf, waarvan hij er slechts 7,5 hoeft uit te zitten. Hij en zijn familie worden vervolgens in een spijtoptanten programma beschermd en onderhouden door de Italiaanse overheid.

Aldo Giannotta heeft altijd volgehouden afgeperst te zijn door Cerfeda. Zijn veroordeling door rechter Bueno vond uiteindelijk enkel plaats op de getuigenis van Cerfeda, hoewel deze een belang had zoveel mogelijk namen te noemen. De getuigenis van Cerfeda’s rechterhand Franco werd terzijde geschoven.
De getuigenis van Cerfeda is mede ongeloofwaardig omdat uit het pv blijkt dat er erg sturend wordt opgetreden en Cerfeda zich ten aanzien van de deelname van G erg op de vlakte houdt en zichzelf herroept.

Een zéér slechte beurt voor de rechtbank in Utrecht en voor rechter Bueno. Het was hier duidelijk een zaak van ‘die man heeft het gedaan, nu moeten we alleen de argumenten er nog bijzoeken’

Vrouw dood gevonden bij kerk in Nieuw Buinen

Het levenloze lichaam van de 26-jarige Nienke van der Heide (foto) uit Gasselternijveen werd pas vijf dagen na haar dood aangetroffen. Ze werd anderhalve week geleden op zondagavond 23 juni gevonden achter de kerk aan de Kerklaan in Nieuw-Buinen. Volgens haar ex-vriend, stratenmaker André van der R. (29) uit Nieuw-Buinen, die vastzit op verdenking van moord of doodslag, heeft zij zelfmoord gepleegd. Dat zegt zijn advocaat Hans Klopstra.

Van der R. heeft haar volgens Klopstra niet geholpen bij haar daad. Van een vooropgezet plan zou dan ook geen sprake zijn. Volgens Klopstra raakte zijn cliënt in paniek toen hij zijn ex-vriendin dood aantrof op de bank in zijn woning. Ze had pillen ingenomen, in combinatie met alcohol. In plaats van de politie te bellen legde de Nieuw-Buiner het lichaam buiten achter zijn woning neer, vlakbij de kerk. Hij hield zich vervolgens vijf dagen lang schuil. Pas uren na de vondst van het lichaam werd de man door de politie in zijn woning opgepakt.

Tegen van der R was in 2005 aangifte gedaan wegens bedreiging van een dorpsgenoot, ene Feenstra, die verkering had met Arenda Regtop, een ex van André.

Update:
De man werd op 29 augustus 2006 vrijgelaten uit voorarrest en uiteindelijk vervolgd voor hulp bij zelfdoding, het wegmaken van een lijk en het overtreden van de Opiumwet. De officier van justitie eiste hiervoor op 28 november 2006 een gevangenisstaf van twee jaar waarvan een half jaar voorwaardelijk. De rechtbank achtte de man schuldig aan het vervoeren en verbergen van een lijk en het overtreden van de Opiumwet.

De man kocht van een handelaar pillen voor de vrouw waarmee ze een einde aan haar leven wilde maken en liet haar vervolgens alleen. De rechtbank achtte hulp bij zelfdoding niet bewezen, omdat onderzoek geen duidelijkheid gaf over de doodsoorzaak van de vrouw. Onduidelijk was of de vrouw overleed door de pillen die zij innam of doordat ze op haar gezicht is gerold en door verstikking om het leven kwam. Ook was niet duidelijk of de vrouw de bedoeling had zichzelf van het leven te beroven toen Van der R. de tabletten voor haar kocht. Verder twijfelde de rechter of de verdachte de opzet had de vrouw te helpen bij zelfdoding omdat hij, nadat hij de medicijnen had gekocht, haar tegen hield toen zij uit het raam wilde springen.

De rechter noemde het gedrag van Van der R. uiterst laakbaar. Hij liet de vrouw alleen met de medicijnen en verborg later haar lichaam in een greppel vlak bij de woning.

Voor deze feiten werd hij 12 december 2006 veroordeeld tot een gevangenisstraf van 125 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk en een werkstraf van 80 uur. Het OM is tegen het vonnis in hoger beroep gegaan.